ECLI:NL:RVS:2018:1465
Raad van State
- Hoger beroep
- H.G. Sevenster
- A.B.M. Hent
- G.M.H. Hoogvliet
- Rechtspraak.nl
Bevestiging uitspraak rechtbank over niet-overtreding Arbobesluit bij asbestverwijdering en weigering openbaarmaking inspectiegegevens
De minister legde aan [wederpartij] een bestuurlijke boete op wegens vermeende overtredingen van artikelen 3.16 en 4.45 van het Arbobesluit, met een totaalbedrag van €16.200. Na bezwaar en wijziging bleef een boete van €1.350 voor artikel 3.16 staan. De rechtbank verklaarde het beroep tegen deze boete ongegrond, maar oordeelde dat [wederpartij] artikel 4.45 niet had overtreden en vernietigde het besluit tot boeteoplegging voor dat artikel. Tevens oordeelde de rechtbank dat de openbaarmaking van inspectiegegevens onrechtmatig was.
De minister stelde hoger beroep in tegen het oordeel over artikel 4.45 en de openbaarmaking. De Afdeling bestuursrechtspraak overwoog dat artikel 4.45 open normen bevat en dat de rechtbank terecht aansluiting zocht bij de certificatieschema’s in Bijlage XIIIa van de Arboregeling. Gelet op het risico-inventarisatierapport en de omstandigheden (licht verweerde hechtgebonden asbesthoudende dakplaten, vorst en sneeuw) was het niet noodzakelijk om bronafzuiging toe te passen of de platen nat te maken. Ook was het verwijderen en verpakken van afvalstoffen na het verwijderen van een rij dakplaten passend binnen de norm ‘zo spoedig mogelijk’. De minister had onvoldoende aannemelijk gemaakt dat aanvullende maatregelen nodig waren.
De Afdeling bevestigde dat [wederpartij] zich aan de voorschriften hield en dat de minister ten onrechte inspectiegegevens openbaar maakte. Het hoger beroep werd ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd. De staatssecretaris werd veroordeeld tot vergoeding van de proceskosten.
Uitkomst: Het hoger beroep van de minister wordt ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.