ECLI:NL:RVS:2018:1579
Raad van State
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- P.B.M.J. Beek-Gillessen
- Rechtspraak.nl
Ongegrond beroep tegen aanwijzing locaties ondergrondse restafvalcontainers in Leiden
Het college van burgemeester en wethouders van Leiden heeft bij besluit van 13 februari 2017 locaties aangewezen voor de plaatsing van ondergrondse restafvalcontainers (ORAC’s), waaronder locatie 9177 in de Trompstraat. Bewoners aan de Trompstraat en een zijstraat hebben hiertegen beroep ingesteld omdat zij vinden dat de containers te dicht bij hun woningen staan en geluidshinder, stankoverlast en zwerfvuil veroorzaken.
De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State heeft beoordeeld of het college bij de locatiekeuze de belangen van omwonenden voldoende heeft betrokken en of het college in redelijkheid tot zijn besluit heeft kunnen komen. Het college heeft randvoorwaarden gehanteerd uit het Handboek Kwaliteit Openbare Ruimte, waaronder een minimale afstand van 2 meter tot de gevel, en maatregelen getroffen om overlast te beperken.
De appellanten stelden dat alternatieve locaties in zijstraten beter zouden zijn, maar het college heeft toegelicht dat deze locaties niet geschikt zijn vanwege ondergrondse infrastructuur en de manoeuvreerruimte van het inzamelvoertuig. De Afdeling vond geen aanleiding om aan deze toelichting te twijfelen en concludeerde dat het college in redelijkheid tot de locatiekeuze heeft kunnen komen.
Het beroep is daarom ongegrond verklaard en er is geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het beroep tegen de aanwijzing van locaties voor ondergrondse restafvalcontainers is ongegrond verklaard.