ECLI:NL:RVS:2018:2286
Raad van State
- Hoger beroep
- D.J.C. van den Broek
- Rechtspraak.nl
Bevestiging weigering omgevingsvergunning voor afwijkend gebruik pand in strijd met goede ruimtelijke ordening
Het college van burgemeester en wethouders van Emmen verleende van rechtswege een omgevingsvergunning aan appellante voor het afwijkend gebruik van een pand te Veenoord. Catch Stores maakte bezwaar tegen deze vergunning, hoewel dit bezwaar niet tijdig was ingediend. Het college verklaarde het bezwaar ontvankelijk wegens een verschoonbare termijnoverschrijding en weigerde vervolgens de vergunning.
De rechtbank verklaarde het beroep van appellante tegen deze weigering ongegrond. Appellante stelde in hoger beroep dat het bezwaar ten onrechte ontvankelijk was verklaard en dat het college zich bij de heroverweging had moeten beperken tot de bezwaarschriften van Catch Stores. De Afdeling bestuursrechtspraak oordeelde dat de termijnoverschrijding inderdaad verschoonbaar was omdat Catch Stores pas na afloop van de termijn kennis kon nemen van de vergunning.
Voorts is het relativiteitsvereiste in de bezwaarfase niet van toepassing, zodat het college de vergunning mocht weigeren op grond van de door Catch Stores aangevoerde strijd met een goede ruimtelijke ordening. Het hoger beroep is ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de weigering van de omgevingsvergunning bevestigd.