ECLI:NL:RVS:2018:2337
Raad van State
- Hoger beroep
- C.J. Borman
- A.B.M. Hent
- E. Helder
- Rechtspraak.nl
Bevestiging weigering openbaarmaking interviewverslagen op grond van de Wob
Bij besluit van 12 mei 2016 weigerde de rekenkamercommissie een verzoek op grond van de Wet openbaarheid van bestuur (Wob) om interviewverslagen openbaar te maken. Het verzoek betrof verslagen van interviews met diverse gemeentelijke functionarissen over een rapport betreffende samenwerking tussen gemeenten.
De verzoeker stelde dat openbaarmaking noodzakelijk was voor transparantie en democratische bestuursvoering, en dat vertrouwelijkheid slechts in uitzonderlijke gevallen mocht worden toegepast. De rekenkamercommissie beriep zich op artikel 10, tweede lid, onder e en g, van de Wob, waarbij het belang van bescherming van persoonlijke levenssfeer en het voorkomen van onevenredige benadeling van betrokkenen en de commissie zelf zwaarder woog.
De rechtbank oordeelde dat de vertrouwelijkheid was toegezegd en dat openbaarmaking de bereidheid tot medewerking aan toekomstige onderzoeken zou schaden. De Afdeling bestuursrechtspraak bevestigde dit oordeel en verklaarde het hoger beroep ongegrond. Er was geen sprake van het achterhouden van informatie om oneigenlijke redenen en de belangenafweging was zorgvuldig gemaakt.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de weigering tot openbaarmaking van de interviewverslagen wordt bevestigd.