ECLI:NL:RVS:2018:3000
Raad van State
- Hoger beroep
- N. Verheij
- J.J. van Eck
- G.M.H. Hoogvliet
- Rechtspraak.nl
Vernietiging uitspraak rechtbank inzake afwijzing asielaanvraag vreemdeling uit Zambia
De vreemdeling, geboren in 1997 en afkomstig uit Zambia, had een asielaanvraag ingediend wegens stelselmatig seksueel misbruik en traumatische ervaringen in haar land van herkomst. De staatssecretaris wees de aanvraag af wegens ongeloofwaardigheid van het asielrelaas.
De rechtbank verklaarde het beroep van de vreemdeling gegrond, vernietigde het besluit en beval een nieuw besluit met inachtneming van haar overwegingen. De staatssecretaris ging hiertegen in hoger beroep bij de Raad van State.
De Raad van State oordeelde dat de rechtbank onvoldoende had meegewogen dat de staatssecretaris rekening had gehouden met de traumatische omstandigheden die de verklaringen van de vreemdeling konden beïnvloeden. Daarnaast was het onjuist om de grondslag van het beroep mede te baseren op de uitspraak in de zaak van de zus, waartegen ook hoger beroep liep en die door de Raad van State werd vernietigd.
Daarom werd het hoger beroep van de staatssecretaris gegrond verklaard, de uitspraak van de rechtbank vernietigd en de zaak terugverwezen voor een nieuwe beoordeling met inachtneming van de overwegingen van de Raad van State.
Uitkomst: Het hoger beroep van de staatssecretaris wordt gegrond verklaard, de uitspraak van de rechtbank vernietigd en de zaak terugverwezen voor herbeoordeling.