ECLI:NL:RVS:2018:3131
Raad van State
- Eerste aanleg - meervoudig
- J.A.W. Scholten-Hinloopen
- P.B.M.J. van der Beek-Gillessen
- J. Hoekstra
- Rechtspraak.nl
Vaststelling bestemmingsplan Broek Zuid met bezwaren tegen milieueffectrapportage en bedrijfsbelangen
De gemeente De Fryske Marren stelde op 29 november 2017 het bestemmingsplan Broek Zuid vast, dat de bouw van 86 woningen mogelijk maakt nabij het agrarische perceel van appellant. Appellant betoogde dat het plan onrechtmatig is vastgesteld omdat het milieueffectrapport (MER) niet tijdig werd beoordeeld en dat de nieuwe woningen haar bedrijfsvoering zouden belemmeren.
De Afdeling bestuursrechtspraak oordeelde dat zowel het college als de raad bevoegd waren om het MER-besluit te nemen en dat de beslissing om geen MER te maken, ondanks dat deze gelijktijdig met het plan werd genomen, niet leidde tot benadeling van belanghebbenden. Verder werd geoordeeld dat appellant onvoldoende aannemelijk maakte dat de nieuwe woningen haar bedrijfsvoering zouden beperken, mede omdat de afstand tot de woningen ruim voldoende was.
Daarnaast werd het betoog over de onduidelijkheid van de begrenzing van de bebouwde kom verworpen, omdat deze niet in het bestemmingsplan hoeft te worden geregeld en de raad de kaart van de beleidsregel na vaststelling zal aanpassen. Ook het bezwaar over mogelijke stikstofdepositie op Natura 2000-gebieden werd afgewezen wegens gebrek aan belang van appellant. Het beroep werd derhalve ongegrond verklaard.
Uitkomst: Het beroep tegen het bestemmingsplan Broek Zuid wordt ongegrond verklaard en het plan blijft ongewijzigd van kracht.