ECLI:NL:RVS:2018:3276
Raad van State
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Afwijzing tegemoetkoming planschade wegens geen nadelige planologische wijziging
Appellant verzocht het college om een tegemoetkoming in planschade vanwege het nieuwe bestemmingsplan IJsselmuiden Dorpsrand, dat de bouw van een tweede woning op zijn perceel niet toestond. Hij stelde dat dit in strijd was met een eerdere toezegging en dat hierdoor de waarde van zijn perceel was verminderd.
Het college legde het verzoek voor aan de Stichting Adviesbureau Onroerende Zaken (SAOZ), die concludeerde dat appellant niet in een nadeliger planologische positie was gekomen. Het college wees de aanvraag af en handhaafde dit besluit in bezwaar. De rechtbank verklaarde het beroep van appellant ongegrond.
In hoger beroep voerde appellant procedurele bezwaren aan tegen het advies van de commissie en stelde dat het nieuwe bestemmingsplan in strijd was met algemene beginselen van behoorlijk bestuur. De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State oordeelde dat de procedurele gebreken appellant niet hebben benadeeld en dat onregelmatigheden bij de vaststelling van het bestemmingsplan niet leiden tot recht op tegemoetkoming in planschade.
De Afdeling bevestigde het oordeel dat appellant geen nadelige planologische positie heeft en wees het hoger beroep af. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de afwijzing van de tegemoetkoming in planschade bevestigd.