ECLI:NL:RVS:2018:394
Raad van State
- Hoger beroep
- B.P.M. van Ravels
- Rechtspraak.nl
Bevestiging afwijzing huurtoeslag wegens medebewoning verhuurder in BRP
De Belastingdienst/Toeslagen heeft de huurtoeslag van appellant over 2014 definitief vastgesteld op nihil en bepaald dat hij € 2.624,00 moet terugbetalen, omdat verhuurder als medebewoner in de BRP stond ingeschreven. Appellant stelde dat verhuurder niet feitelijk op het adres woonde en dat de woning niet geschikt was voor dubbele bewoning.
De rechtbank verklaarde het beroep van appellant ongegrond en de Raad van State bevestigt deze uitspraak. De Raad overweegt dat de inschrijving in de BRP leidend is voor de beoordeling van medebewonerschap, tenzij de onjuiste inschrijving niet aan appellant kan worden toegerekend en verhuurder de onjuiste inschrijving veroorzaakt.
Hier is vastgesteld dat verhuurder bewust ingeschreven bleef op het adres, waardoor de inschrijving niet onjuist is. De door appellant overgelegde foto’s en plattegrond konden het medebewonerschap niet weerleggen. De aangevoerde jurisprudentie over zelfstandige woningen is niet van toepassing omdat het hier gaat om één zelfstandige woning.
De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State verklaart het hoger beroep ongegrond en bevestigt de uitspraak van de rechtbank. Er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.