ECLI:NL:RVS:2019:1021
Raad van State
- Hoger beroep
- E. Steendijk
- Rechtspraak.nl
Vernietiging weigering omgevingsvergunning voor aanbouw ondanks strijd met bestemmingsplan
Het college van burgemeester en wethouders van Zaanstad verleende aanvankelijk een omgevingsvergunning voor het bouwen van een aanbouw op een perceel te Koog aan de Zaan, ondanks strijd met het bestemmingsplan. Later werd deze vergunning herroepen en geweigerd vanwege overtreding van de bouwregels. De rechtbank verklaarde het beroep van appellant tegen deze weigering ongegrond, maar constateerde een motiveringsgebrek dat zij met toepassing van artikel 6:22 Awb Pro passeerde.
De Afdeling bestuursrechtspraak oordeelt dat de rechtbank ten onrechte het motiveringsgebrek heeft gepasseerd, omdat appellant hierdoor benadeeld is. Het hoger beroep wordt gegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank vernietigd. De Afdeling vernietigt ook het besluit van het college van 15 september 2017, maar laat de rechtsgevolgen van dat besluit in stand.
Appellant voerde aan dat het college op basis van een medische indicatie had kunnen afwijken van de bouwregels, maar de Afdeling oordeelt dat geen bijzondere omstandigheden aanwezig zijn die afwijking rechtvaardigen. Ook het beroep op het vertrouwensbeginsel faalt, omdat de vergunningcheck en e-mail waarop appellant zich beroept geen gerechtvaardigd vertrouwen scheppen.
Tot slot veroordeelt de Afdeling het college tot vergoeding van de proceskosten en terugbetaling van het griffierecht aan appellant.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt gegrond verklaard, het besluit van 15 september 2017 wordt vernietigd, maar de rechtsgevolgen blijven in stand.