ECLI:NL:RVS:2019:114
Raad van State
- Hoger beroep
- C.J. Borman
- J.E.M. Polak
- A.B.M. Hent
- Rechtspraak.nl
Bevestiging weigering openbaarmaking rapport waardering blote eigendom erfpachtpercelen
De zaak betreft een hoger beroep van de Vereniging Terschellinger Erfpachters tegen een uitspraak van de rechtbank Noord-Nederland, waarin het beroep tegen een besluit van de minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties werd behandeld. De minister had op een Wob-verzoek van de vereniging gedeeltelijke openbaarmaking van een rapport over de waardering van de blote eigendom van erfpachtpercelen op de Waddeneilanden besloten, waarbij bepaalde gegevens werden geweigerd vanwege het financiële belang van de Staat en het voorkomen van onevenredige bevoordeling of benadeling.
De rechtbank had het bezwaar van de vereniging gegrond verklaard en het besluit van de minister vernietigd, maar de rechtsgevolgen van het besluit in stand gelaten. De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State heeft het hoger beroep van de vereniging ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd voor zover aangevallen.
De Afdeling overwoog dat het financiële belang van Staatsbosbeheer en de Staat bij het beschermen van onderhandelingsposities bij de verkoop van erfpachtpercelen zwaarder weegt dan het belang bij openbaarmaking van de betreffende gegevens. De residuele waardemethode die door het Rijksvastgoedbedrijf is toegepast, bevat gegevens die potentiële kopers in staat stellen hun biedingen af te stemmen, wat de financiële belangen van de Staat kan schaden. De vereniging had onvoldoende aannemelijk gemaakt dat er geen onderhandelingsruimte bestaat of dat het belang bij openbaarmaking zwaarder weegt.
Het incidenteel hoger beroep van de minister werd niet behandeld omdat het hoger beroep van de vereniging ongegrond werd verklaard. De Afdeling wees een proceskostenveroordeling af.
Uitkomst: Het hoger beroep van de vereniging wordt ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.