ECLI:NL:RVS:2020:1936
Raad van State
- Hoger beroep
- P.B.M.J. van der Beek-Gillessen
- Rechtspraak.nl
Bevestiging weigering openbaarmaking taxatierapporten gemeente Maastricht
Het college van burgemeester en wethouders van Maastricht weigerde de openbaarmaking van taxatierapporten over de verkoop van een pand op grond van de Wet openbaarheid van bestuur (Wob), omdat openbaarmaking de onderhandelingspositie van de gemeente zou schaden. Appellanten verzochten om openbaarmaking om de marktconformiteit van de verkoopprijs te controleren.
De rechtbank Limburg oordeelde dat het college de weigering in redelijkheid kon baseren op artikel 10, tweede lid, onder b en g van de Wob. Appellanten stelden dat het pand uniek is en dat openbaarmaking geen benadeling van de gemeente oplevert, mede omdat verkoop via tender plaatsvindt.
De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State overwoog dat uit de taxatiewaarde informatie kan worden afgeleid over de onderhandelingsruimte van de gemeente, wat derden kan bevoordelen en de financiële belangen van de gemeente schaadt. Ook bij tenderprocedures is de hoogte van het bod relevant. De Afdeling volgde het college en bevestigde het oordeel van de rechtbank dat weigering gerechtvaardigd is. Het hoger beroep werd ongegrond verklaard.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de weigering van openbaarmaking van de taxatierapporten wordt bevestigd.