ECLI:NL:RVS:2019:1229
Raad van State
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging afwijzing tegemoetkoming planschade wegens voorzienbaarheid planologische wijziging
Appellant heeft een verzoek ingediend om een tegemoetkoming in planschade vanwege een nieuw bestemmingsplan dat de realisering van een woonwijk nabij zijn perceel mogelijk maakt. Het college wees dit verzoek af, gesteund op advies van SAOZ en een second opinion van Tog Nederland Zuid B.V., waarin werd geconcludeerd dat de planologische wijziging op de datum van aankoop voorzienbaar was.
De rechtbank verklaarde het beroep van appellant ongegrond, omdat de voorzienbaarheid van de planologische wijziging aannemelijk was en de procedurele schendingen bij het inschakelen van Tog niet tot benadeling van appellant hadden geleid. Appellant stelde in hoger beroep dat het college onrechtmatig had gehandeld door niet te voldoen aan de procedureverordening en dat de planologische wijziging niet voorzienbaar was.
De Afdeling bestuursrechtspraak oordeelde dat het college weliswaar in strijd met de procedureverordening handelde door appellant niet vooraf te informeren over de adviesaanvraag aan Tog, maar dat appellant hierdoor niet in zijn belangen was geschaad. De inhoudelijke beoordeling bevestigde dat op grond van het provinciale uitwerkingsplan en de daarbij behorende kaarten en teksten de planologische wijziging voor een redelijk handelend koper voorzienbaar was. Het hoger beroep werd ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.
Het college werd wel veroordeeld tot vergoeding van de proceskosten van appellant, inclusief het griffierecht, vanwege de geconstateerde procedurele tekortkoming.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de rechtbankuitspraak bevestigd; het college moet proceskosten vergoeden.