ECLI:NL:RVS:2019:1236
Raad van State
- Hoger beroep
- A.W.M. Bijloos
- N. Verheij
- A.J.C. de Moor-van Vugt
- Rechtspraak.nl
Bevestiging afwijzing Wob-verzoek inzake financiering en toezicht DNB
Bij besluit van 7 juni 2016 wees De Nederlandsche Bank (DNB) het verzoek van appellante af om informatie te verstrekken op grond van de Wet openbaarheid van bestuur (Wob). Appellante maakte bezwaar en stelde beroep in tegen de afwijzing. De rechtbank Amsterdam verklaarde het beroep ongegrond, waarna appellante hoger beroep instelde bij de Raad van State.
De kern van het geschil betrof de vraag of de uitzondering in artikel 1, aanhef en onder b, van het Besluit bestuursorganen WNo en Wob (BbWW) van toepassing is op documenten die zien op de financiering en bekostiging van het toezicht door DNB. Appellante betoogde dat deze uitzondering slechts ziet op vertrouwelijke informatie over individuele instellingen en niet op bekostiging. De Raad van State oordeelde dat de uitzondering zich uitstrekt tot alle documenten die verband houden met de toezichttaken van DNB, inclusief financiering en bekostiging.
Daarnaast stelde appellante dat de rechtbank ten onrechte geen inzage had gevraagd in de specifieke documenten om te beoordelen of de uitzondering van toepassing was. De Raad van State verwierp dit, omdat de uitzondering op grond van de wet en de toelichtingen duidelijk is en inzage in de documenten het oordeel niet zou wijzigen.
Ten slotte verwierp de Raad van State het beroep van appellante op het verbod van willekeur en het gelijkheidsbeginsel, omdat DNB niet verplicht is informatie te verstrekken buiten de Wob om. Het hoger beroep werd ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de afwijzing van het Wob-verzoek door DNB bevestigd.