ECLI:NL:RVS:2019:1708
Raad van State
- Vereenvoudigde behandeling
- Rechtspraak.nl
Vernietiging besluit niet-handhaven zonder vergunning veehouderij wegens strijd met Habitatrichtlijn
Het college van gedeputeerde staten van Zuid-Holland had bij besluit van 14 maart 2016 het bezwaar van Coöperatie Mobilisation for the Environment (MOB) ongegrond verklaard tegen het niet-handhaven van het zonder vergunning exploiteren en uitbreiden van een veehouderij te Reeuwijk.
Het college baseerde zich op een uitzondering van de vergunningplicht voor activiteiten die stikstofdepositie veroorzaken onder een vastgestelde grenswaarde van 1 mol N/ha/jr, zoals opgenomen in het Programma Aanpak Stikstof (PAS). MOB stelde dat deze uitzondering in strijd was met de Habitatrichtlijn omdat de passende beoordeling van het PAS niet voldeed aan artikel 6 van Pro die richtlijn.
De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State oordeelde dat de passende beoordeling van het PAS niet aan de vereisten van artikel 6 Habitatrichtlijn Pro voldoet en dat het Besluit grenswaarden programmatische aanpak stikstof, waarin de grenswaarde is vastgesteld, onverbindend is. Hierdoor gold geen vergunningvrijstelling en was de veehouderij zonder vergunning in strijd met de Wet natuurbescherming.
Het beroep van MOB werd gegrond verklaard, het bestreden besluit vernietigd en het college werd veroordeeld tot vergoeding van proceskosten en griffierecht.
Uitkomst: Het besluit om niet handhavend op te treden tegen de veehouderij zonder vergunning wordt vernietigd en het college wordt veroordeeld tot proceskostenvergoeding.