ECLI:NL:RVS:2019:2352
Raad van State
- Eerste aanleg - meervoudig
- C.J. Borman
- J.J. van Eck
- G.M.H. Hoogvliet
- Rechtspraak.nl
Vernietiging besluit weigering inzage AIVD-verslagen over 1990-1993 wegens onvoldoende motivering
De appellant verzocht om inzage in verslagen van het MT van de Binnenlandse Veiligheidsdienst (BVD), thans AIVD, over 1990-1993. De minister weigerde deels toegang tot deze documenten, met als motieven bronbescherming en bescherming van actuele werkwijzen. Na bezwaar en eerdere uitspraken werd het besluit van 21 februari 2018 genomen, waarin enkele weigeringen werden gehandhaafd en andere informatie alsnog verstrekt.
De appellant stelde dat de minister onterecht informatie weigerde, onder meer omdat het ging om meer dan 25 jaar oude gegevens en de motivering onvoldoende was. De Afdeling bestuursrechtspraak oordeelde dat de minister onvoldoende concreet had gemotiveerd waarom bepaalde informatie, zoals namen van operaties, personele inrichting en aanschaf van materialen, geweigerd bleef. Ook was de weigering van enkele documenten onterecht gehandhaafd.
Verder werd vastgesteld dat de procedure ruim elf maanden langer duurde dan de redelijke termijn, waarvoor de minister werd veroordeeld tot een schadevergoeding van €1.000. De Afdeling vernietigde het besluit van 21 februari 2018 voor zover het de weigering van het aanvullend dossier en bepaalde informatie handhaafde, herroept het oorspronkelijke besluit van 16 juli 2014 voor zover het aanvullend dossier weigerde, en bepaalde dat de minister binnen twaalf weken een nieuw besluit moet nemen. Het beroep tegen het besluit van 14 maart 2019 werd ongegrond verklaard.
Uitkomst: Het besluit van 21 februari 2018 is vernietigd voor een deel van de weigeringen en de minister is veroordeeld tot schadevergoeding wegens overschrijding van de redelijke termijn.