ECLI:NL:RVS:2019:614
Raad van State
- Eerste aanleg - meervoudig
- C.J. Borman
- J.J. van Eck
- G.M.H. Hoogvliet
- Rechtspraak.nl
Vernietiging besluit minister inzake gedeeltelijke weigering AIVD-maandberichten 1990-1994
De appellant verzocht om afschrift van alle maandberichten van de Binnenlandse Veiligheidsdienst (nu AIVD) uit 1990 tot en met 1994. De minister weigerde dit verzoek gedeeltelijk en motiveerde dit in een besluit van 13 februari 2018. De appellant stelde beroep in tegen dit besluit.
De Afdeling bestuursrechtspraak oordeelde dat de minister terecht bepaalde weigeringsgronden hanteerde, maar dat het gebruik van de code NVT (niet van toepassing) voor passages die verwijzen naar andere geweigerde passages onjuist was. Deze passages hadden niet geweigerd mogen worden met die motivering. De Afdeling vernietigde het besluit voor zover het deze passages betreft, maar liet de rechtsgevolgen in stand omdat de passages op een andere grond terecht geweigerd waren.
Daarnaast oordeelde de Afdeling dat de minister voldoende archiefonderzoek had verricht naar ontbrekende maandberichten en dat het beroep niet-ontvankelijk verklaard wegens misbruik van bevoegdheid niet slaagde. De Afdeling veroordeelde de minister tot betaling van € 500,- wegens overschrijding van de redelijke termijn en tot vergoeding van proceskosten en griffierecht.
Het beroep werd gegrond verklaard en het besluit van 13 februari 2018 gedeeltelijk vernietigd, met inachtneming van de rechtsgevolgen. De minister werd veroordeeld tot vergoeding van immateriële schade, proceskosten en griffierecht.
Uitkomst: Het beroep wordt gegrond verklaard en het besluit van 13 februari 2018 gedeeltelijk vernietigd met toekenning van vergoeding voor immateriële schade en proceskosten aan appellant.