ECLI:NL:RVS:2019:2377
Raad van State
- Hoger beroep
- N. Verheij
- D.A. Verburg
- H.J.M. Baldinger
- Rechtspraak.nl
Vernietiging en terugwijzing wegens schending hoor en wederhoor bij afwijzing verblijfsvergunning asiel
De staatssecretaris heeft op 19 december 2018 een aanvraag van de vreemdeling om een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd afgewezen. De rechtbank verklaarde het beroep van de vreemdeling ongegrond in een uitspraak van 1 maart 2019. De vreemdeling stelde hoger beroep in tegen deze uitspraak.
In het hoger beroep stelde de vreemdeling dat de rechtbank hem niet op de hoogte had gesteld van telefonisch contact met de staatssecretaris voorafgaand aan de zitting, waardoor zijn verdediging werd geschaad. De Raad voor de Rechtspraak oordeelde dat het recht op een eerlijk proces vereist dat partijen gelijke kansen krijgen en kennis kunnen nemen van communicatie tussen de rechtbank en de wederpartij.
De Afdeling bestuursrechtspraak stelde vast dat de rechtbank had moeten informeren over het telefonisch contact en de informatie die zij van de staatssecretaris had gevraagd. Door dit na te laten is het recht op hoor en wederhoor geschonden. Daarom werd het hoger beroep gegrond verklaard, de uitspraak van de rechtbank vernietigd en de zaak terugverwezen voor herbehandeling met inachtneming van deze overwegingen.
Daarnaast werd de staatssecretaris veroordeeld tot vergoeding van de proceskosten van de vreemdeling ten bedrage van €512,00, toe te rekenen aan rechtsbijstand door een derde.
Deze uitspraak benadrukt het belang van transparantie en gelijke proceskansen in bestuursrechtelijke procedures omtrent vreemdelingenrecht.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt gegrond verklaard, de uitspraak van de rechtbank vernietigd en de zaak terugverwezen voor herbehandeling met vergoeding van proceskosten aan de vreemdeling.