ECLI:NL:RVS:2019:3069
Raad van State
- Hoger beroep
- H.G. Sevenster
- G.M.H. Hoogvliet
- C.M. Wissels
- Rechtspraak.nl
Vernietiging besluit afwijzing duurzaam verblijfsrecht gemeenschapsonderdaan wegens onvoldoende onderzoek
De staatssecretaris wees op 21 december 2016 de aanvraag van de vreemdeling om een document te verkrijgen waaruit duurzaam verblijfsrecht als gemeenschapsonderdaan blijkt af en stelde vast dat zijn verblijfsrecht was geëindigd. De vreemdeling maakte bezwaar, dat op 11 april 2017 ongegrond werd verklaard. De rechtbank bevestigde dit in januari 2018. De vreemdeling ging in hoger beroep bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State.
De Afdeling constateerde dat de staatssecretaris onvoldoende onderzoek had verricht naar het rechtmatig verblijf van de vreemdeling als werknemer, zelfstandige of economisch inactieve, en onvoldoende had betrokken dat de vreemdeling geen beroep had gedaan op het socialebijstandsstelsel. Hierdoor was de motivatie van het besluit gebrekkig. De rechtbank had ten onrechte geoordeeld dat het verblijfsrecht was geëindigd per 5 november 2014.
De Afdeling verklaarde het hoger beroep gegrond, vernietigde het bestreden besluit en de uitspraak van de rechtbank, en bepaalde dat de staatssecretaris een nieuw besluit moet nemen waarbij de vreemdeling in de gelegenheid wordt gesteld aan te tonen hoe hij in zijn levensonderhoud voorzag na 5 november 2014. Tevens werden proceskosten en griffierecht aan de vreemdeling toegekend.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt gegrond verklaard en het besluit van de staatssecretaris wordt vernietigd, met opdracht tot een nieuw besluit.