ECLI:NL:RVS:2019:3431
Raad van State
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Voorlopige voorziening tegen handhavingsbesluit bestemmingsplan strijdig gebruik pand als woning
Het college van burgemeester en wethouders van Alkmaar legde op 3 april 2019 een last onder dwangsom op aan verzoeker om het met het bestemmingsplan strijdige gebruik van een pand als woning te staken. Dit besluit werd op 20 juni 2019 gewijzigd door verlenging van de termijn en nadere omschrijving van de maatregelen.
De rechtbank verklaarde het beroep van verzoeker tegen het eerste besluit gegrond en vernietigde het besluit deels, maar verklaarde het beroep tegen het tweede besluit ongegrond. Verzoeker stelde hoger beroep in en verzocht de voorzieningenrechter om een voorlopige voorziening.
De voorzieningenrechter oordeelde dat het gebruik van het pand als woning mogelijk onder het overgangsrecht valt, ondanks een onderbreking in bewoning rond 1980-1983, omdat de intentie tot voortzetting aannemelijk is gemaakt en de onderbreking mede werd veroorzaakt door renovatie. Hierdoor is niet zeker dat sprake is van een overtreding van het bestemmingsplan.
Gezien de belangen en het voorlopige karakter van de beoordeling schorst de voorzieningenrechter de besluiten van 3 april en 20 juni 2019 en veroordeelt het college tot vergoeding van proceskosten en griffierecht. De uitspraak is gedaan op 10 oktober 2019.
Uitkomst: De voorzieningenrechter schorst de handhavingsbesluiten en veroordeelt het college tot vergoeding van proceskosten en griffierecht.