ECLI:NL:RBNNE:2020:1681
Rechtbank Noord-Nederland
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Schorsing last onder dwangsom wegens overgangsrecht gebruik slachterij en winkel
Verzoekster exploiteerde een slachterij en winkel op een perceel, maar het faillissement van de slachterij werd uitgesproken in december 2017. Verweerder constateerde dat de slachterij een jaar later niet meer in gebruik was en legde een last onder dwangsom op wegens strijdig gebruik met het bestemmingsplan. Verzoekster stelde dat zij het gebruik onder het overgangsrecht voortzette en dat er sprake was van intentie en feitelijke handelingen om het gebruik te continueren.
De voorzieningenrechter overwoog dat het gebruik onder het overgangsrecht kan vallen als de onderbreking kort is en de intentie tot voortzetting aanwezig is. Verzoekster heeft bewijs geleverd van intentie en feitelijk gebruik, zoals het voortzetten van de winkel en investeringen in inventaris. Verweerder kon niet aantonen dat het gebruik definitief was gestaakt.
Gezien de belangen en het ontbreken van een dringende noodzaak tot handhaving, werd het bestreden besluit geschorst tot zes weken na beslissing op het bezwaarschrift. Verweerder werd veroordeeld tot vergoeding van proceskosten en griffierecht. De uitspraak werd gedaan door voorzieningenrechter T.F. Bruinenberg op 14 april 2020.
Uitkomst: Het bestreden besluit tot last onder dwangsom wordt geschorst tot zes weken na beslissing op het bezwaarschrift van verzoekster.