ECLI:NL:RVS:2019:4282
Raad van State
- Hoger beroep
- P.B.M.J. van der Beek-Gillessen
- N. Verheij
- E.J. Daalder
- Rechtspraak.nl
Vaststelling planschade en dwangsommen na wijziging bestemmingsplan Bergen
De zaak betreft een verzoek om tegemoetkoming in planschade door [appellant sub 1], eigenaar van een perceel in Bergen, als gevolg van het bestemmingsplan "Bergen, Dorpskern Zuid" dat in 2009 in werking trad. Het college wees het verzoek af op basis van een advies van Ten Have Advies, waarna bezwaar en beroep werden ingesteld. De rechtbank vernietigde het besluit en beval een nieuw besluit op bezwaar.
In hoger beroep stelde de Afdeling bestuursrechtspraak dat het college ten onrechte het advies van Ten Have als uitgangspunt nam zonder de door appellant overgelegde contra-expertises voldoende te betrekken. Tevens oordeelde de Afdeling dat de rechtbank ten onrechte het beroep tegen het niet tijdig nemen van een besluit op bezwaar niet-ontvankelijk had verklaard en stelde zij de dwangsommen vast op €992.
De Stichting Advisering Bestuursrechtspraak voor Milieu en Ruimtelijke Ordening (StAB) werd als deskundige benoemd en bracht een taxatie uit waaruit bleek dat er geen sprake was van waardevermindering. De Afdeling volgde dit oordeel en wees de door appellant gemaakte proceskosten toe. Het hoger beroep van het college werd ongegrond verklaard, het hoger beroep van appellant gegrond en de proceskosten werden vastgesteld en toegewezen.
Uitkomst: Het hoger beroep van het college is ongegrond, dat van appellant gegrond; dwangsommen van €992 vastgesteld en proceskosten toegekend.