ECLI:NL:RVS:2019:4310
Raad van State
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkheid hoger beroep wegens misbruik van bevoegdheid bij Wob-verzoek inzake verkeersboete
Truck Care Amsterdam (TCA) verzocht de minister op grond van de Wet openbaarheid van bestuur (Wob) om informatie betreffende een verkeersboete. De minister verklaarde het bezwaar tegen de weigering van dit verzoek niet-ontvankelijk. De rechtbank Amsterdam verklaarde het beroep van TCA ongegrond. TCA stelde hiertegen hoger beroep in bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State.
De Afdeling onderzocht of TCA misbruik van recht had gemaakt door het Wob-verzoek in te dienen met als enig doel het aanvechten van de verkeersboete. Volgens de Afdeling is de Wob niet bedoeld om binnen een procedure tegen een verkeersboete informatie te verkrijgen, aangezien daarvoor andere rechtsmiddelen en procedures openstaan. TCA had geen omstandigheden aangevoerd die het gebruik van de Wob in deze context rechtvaardigen.
Hierdoor concludeerde de Afdeling dat TCA misbruik had gemaakt van de bevoegdheid om een Wob-verzoek in te dienen en daarmee ook van het recht om hoger beroep in te stellen. Het hoger beroep werd daarom niet-ontvankelijk verklaard. De Afdeling wees erop dat dit niet betekent dat TCA het recht op toegang tot de rechter wordt ontzegd, omdat andere procedures beschikbaar zijn voor het aanvechten van de boete.
Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd. De uitspraak werd gedaan door de enkelvoudige kamer, voorzitter mr. C.J. Borman, op 18 december 2019.
Uitkomst: Het hoger beroep van Truck Care Amsterdam wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens misbruik van bevoegdheid.