ECLI:NL:RVS:2019:4344
Raad van State
- Hoger beroep
- P.B.M.J. van der Beek-Gillessen
- N. Verheij
- E.J. Daalder
- Rechtspraak.nl
Vaststelling planschade en vergoeding na wijziging bestemmingsplan Bergen
Appellant is eigenaar van een perceel in Bergen waarop een kettingbeding rust dat slechts één woning toestaat. Het college wees een verzoek om tegemoetkoming in planschade af na vaststelling van een nieuw bestemmingsplan dat beperkingen stelde aan bouwmogelijkheden. De rechtbank vernietigde het besluit en gaf het college opdracht tot heroverweging, waarna zowel appellant als college hoger beroep instelden.
De Afdeling benoemde de Stichting Advisering Bestuursrechtspraak voor Milieu en Ruimtelijke Ordening (StAB) als deskundige. De StAB bracht verslag uit inclusief een taxatie van de onroerende zaak door taxateur De Boer. De Afdeling oordeelde dat de StAB deskundig is en dat de taxatie zorgvuldig is verricht. De planologische wijziging leidde tot een waardevermindering van €405.000,-, waarvan 5% als normaal maatschappelijk risico wordt aangemerkt.
De Afdeling vernietigde het besluit van het college wegens onrechtmatigheid, stelde de tegemoetkoming in planschade vast op €305.500,- vermeerderd met wettelijke rente, en veroordeelde het college tot vergoeding van proceskosten en griffierecht aan appellant. Tevens bevestigde zij het overige van de uitspraak van de rechtbank.
Uitkomst: Het college wordt veroordeeld tot betaling van een tegemoetkoming in planschade van €305.500,- vermeerderd met wettelijke rente en tot vergoeding van proceskosten aan appellant.