ECLI:NL:RVS:2019:635
Raad van State
- Hoger beroep
- D.A.C. Slump
- Rechtspraak.nl
Bevestiging afwijzing toevoeging rechtsbijstand voor bezwaar huurtoeslag
Appellant verzocht om een toevoeging voor rechtsbijstand om bezwaar te maken tegen een besluit van de Belastingdienst/Toeslagen waarbij zijn huurtoeslag voor 2015 en 2016 werd stopgezet. De raad voor rechtsbijstand wees de aanvraag af, omdat het bezwaar geen juridische complexiteit bevatte die advocaatbijstand noodzakelijk maakte. De rechtbank verklaarde het beroep van appellant ongegrond en bevestigde het beleid van de raad.
In hoger beroep stelde appellant dat het bezwaar tegen het huurtoeslagbesluit wel degelijk complex was, mede omdat het ging om de waardering van een rapport van de sociale recherche. De Afdeling bestuursrechtspraak oordeelde echter dat het geschil feitelijk neerkwam op de vraag of appellant feitelijk woonachtig was op het adres waarvoor huurtoeslag werd ontvangen, een kwestie die appellant zelf kon behandelen. Het beleid van de raad, neergelegd in werkinstructie C030, is niet onredelijk of in strijd met de wet.
Ook het argument dat voor een vergelijkbare procedure over huurtoeslag in 2017 wel een toevoeging was verstrekt, leidde niet tot een ander oordeel. Dit werd gezien als een kennelijke misslag die niet herhaald hoeft te worden. De Afdeling bevestigde daarom het bestreden besluit en de uitspraak van de rechtbank. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: De Afdeling bestuursrechtspraak bevestigt de afwijzing van de toevoeging voor rechtsbijstand bij bezwaar tegen stopzetting huurtoeslag.