ECLI:NL:RVS:2016:651
Raad van State
- Hoger beroep
- J.C. Kranenburg
- Rechtspraak.nl
Bevestiging afwijzing toevoeging voor rechtsbijstand bij bezwaar tegen buiten behandeling stellen bijstandsaanvraag
De appellant heeft een toevoeging voor rechtsbijstand aangevraagd om bezwaar te maken tegen het buiten behandeling stellen van zijn aanvraag voor een bijstandsuitkering op grond van het Besluit bijstandverlening zelfstandigen. De raad heeft deze toevoeging afgewezen omdat het bezwaar naar haar oordeel eenvoudig is en de appellant dit zelf kan indienen.
De rechtbank heeft deze afwijzing bevestigd en geoordeeld dat het geschil feitelijk van aard is en dat van appellant mag worden verwacht dat hij zelf aanvoert waarom hij stukken niet tijdig heeft ingediend. Appellant stelde dat er meerdere juridische verweren zijn, maar de rechtbank vond dat onvoldoende.
In hoger beroep heeft de Afdeling bestuursrechtspraak het oordeel van de rechtbank bevestigd. De Afdeling overwoog dat het bezwaar eenvoudig is en dat het bestuursorgaan terecht heeft gesteld dat juridische bijstand niet noodzakelijk is. De Afdeling benadrukte dat de bezwaarprocedure laagdrempelig is en bedoeld om burgers zelf in staat te stellen tegen besluiten op te komen, eventueel met hulp van het Juridisch Loket.
Het hoger beroep is ongegrond verklaard en de aangevallen uitspraak is bevestigd. Er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling.
Uitkomst: De Afdeling bestuursrechtspraak bevestigt de afwijzing van de toevoeging voor rechtsbijstand omdat juridische bijstand niet noodzakelijk is.