ECLI:NL:RVS:2020:1082
Raad van State
- Hoger beroep
- P.B.M.J. van der Beek-Gillessen
- G.M.H. Hoogvliet
- C.C.W. Lange
- Rechtspraak.nl
Belanghebbendheid Stichting Leefbaar Buitengebied bij handhavingsverzoek kap populieren Almelo
Stichting Leefbaar Buitengebied verzocht het college van gedeputeerde staten van Overijssel handhavend op te treden tegen een drijver die door kap van populieren schadelijke effecten veroorzaakt op vleermuizen en roeken in Almelo. Het college liet dit verzoek buiten behandeling omdat de stichting geen belanghebbende zou zijn. De rechtbank bevestigde dit oordeel, maar de stichting ging in hoger beroep bij de Raad van State.
De Raad van State onderzocht of de stichting krachtens haar statutaire doelstellingen en feitelijke werkzaamheden een rechtstreeks bij het besluit betrokken algemeen of collectief belang behartigt. De stichting richt zich op bescherming van natuur en milieu, waaronder soortenbescherming, en verricht feitelijke werkzaamheden die dit belang in het bijzonder dienen. De Raad oordeelt dat de rechtbank ten onrechte de stichting geen belanghebbende achtte, ook al waren de feitelijke werkzaamheden niet specifiek gericht op soortenbescherming.
De Raad vernietigt het besluit van 9 mei 2018 en herroept het besluit van 9 januari 2018, waardoor het college opnieuw moet beslissen op het handhavingsverzoek. Tevens veroordeelt de Raad het college tot vergoeding van proceskosten en griffierecht. Hiermee wordt de stichting erkend als belanghebbende met toegang tot de rechter conform het Verdrag van Aarhus en de Algemene wet bestuursrecht.
Uitkomst: De Raad van State verklaart Stichting Leefbaar Buitengebied belanghebbende, vernietigt eerdere besluiten en gelast hernieuwde besluitvorming op het handhavingsverzoek.