ECLI:NL:RVS:2020:1095
Raad van State
- Hoger beroep
- H. Troostwijk
- A.W.M. Bijloos
- J.Th Drop
- Rechtspraak.nl
Vernietiging uitspraak inzake afwijzing verblijfsvergunning regulier voor bepaalde tijd
De staatssecretaris van Justitie en Veiligheid wees op 8 augustus 2019 een aanvraag van een vreemdeling met de Ethiopische nationaliteit om een verblijfsvergunning regulier voor bepaalde tijd af. De afwijzing was gebaseerd op het ontbreken van de vereiste machtiging tot voorlopig verblijf (mvv-vereiste). De vreemdeling werd niet vrijgesteld van dit vereiste, ondanks zijn Nederlandse partner en persoonlijke omstandigheden.
De voorzieningenrechter verklaarde het beroep van de vreemdeling gegrond, vernietigde het besluit en bepaalde dat de staatssecretaris een nieuw besluit moest nemen met inachtneming van de overwegingen. De staatssecretaris stelde hoger beroep in tegen deze uitspraak.
De Afdeling bestuursrechtspraak oordeelde dat de voorzieningenrechter ten onrechte had geoordeeld dat de staatssecretaris verplicht was te beoordelen of de vreemdeling aan de materiële vereisten voor gezinshereniging voldeed. De staatssecretaris had de hardheidsclausule niet toegepast omdat de persoonlijke omstandigheden niet als bijzonder werden aangemerkt en had dit standpunt deugdelijk gemotiveerd.
Daarnaast was het horen van de vreemdeling in bezwaar niet verplicht omdat redelijkerwijs geen twijfel bestond dat het bezwaar niet tot een ander besluit zou leiden. Het hoger beroep van de staatssecretaris werd gegrond verklaard, de uitspraak van de voorzieningenrechter vernietigd en het beroep alsnog ongegrond verklaard.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt gegrond verklaard, de uitspraak van de voorzieningenrechter vernietigd en het beroep alsnog ongegrond verklaard.