ECLI:NL:RVS:2020:471
Raad van State
- Hoger beroep
- H. Troostwijk
- A.W.M. Bijloos
- J.Th. Drop
- Rechtspraak.nl
Vernietiging uitspraak rechtbank inzake afwijzing verblijfsvergunning wegens mvv-vereiste
De vreemdeling, met de Syrische nationaliteit, diende in Nederland een aanvraag in voor een verblijfsvergunning regulier voor bepaalde tijd, welke door de staatssecretaris werd afgewezen vanwege het ontbreken van een machtiging tot voorlopig verblijf (mvv). De rechtbank had deze afwijzing vernietigd en de staatssecretaris opgedragen een nieuw besluit te nemen, waarbij onder meer werd geoordeeld dat de staatssecretaris onvoldoende had gemotiveerd waarom uitzetting niet in strijd zou zijn met artikel 8 EVRM Pro.
De staatssecretaris stelde hoger beroep in tegen deze uitspraak. De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State oordeelde dat de staatssecretaris wel degelijk voldoende had gemotiveerd dat de weigering van de aanvraag niet in strijd is met artikel 8 EVRM Pro, mede omdat de vreemdeling vanuit België een mvv kan aanvragen en België verantwoordelijk is voor de asielprocedure. Tevens werd geoordeeld dat de rechtbank ten onrechte had aangenomen dat de staatssecretaris verplicht was te toetsen of de vreemdeling aan de materiële vereisten voor vergunningverlening voldeed.
De Afdeling verklaarde het hoger beroep gegrond, vernietigde de uitspraak van de rechtbank en verklaarde het beroep van de vreemdeling ongegrond. Tevens werd het besluit van 4 februari 2020, waarin het bezwaar opnieuw ongegrond werd verklaard, vernietigd. De staatssecretaris hoeft geen proceskosten te vergoeden.
Uitkomst: Het beroep van de vreemdeling wordt ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank vernietigd.