ECLI:NL:RVS:2020:1318
Raad van State
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beroep tegen kosten bestuursdwang voor verkeerd aanbieden huishoudelijk afval
Het college van burgemeester en wethouders van Den Haag heeft op 25 april 2019 spoedeisende bestuursdwang toegepast door een doos, afkomstig van Bol.com en aangetroffen op de Looijerstraat, te verwijderen. Het college stelde dat appellant verantwoordelijk was voor het verkeerd aanbieden van deze doos, omdat haar adres op het adreslabel stond. Appellant betwistte dit en voerde aan dat zij de doos niet had achtergelaten en dat zij al geruime tijd niets bij Bol.com had besteld.
De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State overwoog dat volgens vaste rechtspraak degene tot wie afvalstoffen kunnen worden herleid als overtreder wordt aangemerkt, tenzij het tegendeel aannemelijk wordt gemaakt. Het college mocht aannemen dat appellant de overtreder was, omdat de doos naar haar adres was gestuurd en zij onvoldoende bewijs had geleverd dat zij niet verantwoordelijk was. Argumenten van appellant, zoals het ontbreken van recente bestellingen en het feit dat afvalcontainers naast haar woning staan, waren onvoldoende om het vermoeden te weerleggen.
Daarom verklaarde de Afdeling het beroep ongegrond. Er werd geen aanleiding gezien voor een proceskostenveroordeling.
Uitkomst: Het beroep van appellant tegen het kostenbesluit bestuursdwang wordt ongegrond verklaard.