ECLI:NL:RVS:2020:144
Raad van State
- Hoger beroep
- N. Verheij
- H.G. Sevenster
- C.C.W. Lange
- Rechtspraak.nl
Vreemdeling wint hoger beroep tegen disproportionele leges voor zoekjaarvergunning
De vreemdeling met Pakistaanse nationaliteit diende in oktober 2016 een aanvraag in voor een zoekjaarvergunning en betaalde daarvoor €622 aan leges. De staatssecretaris verklaarde het bezwaar tegen de hoogte van dit bedrag ongegrond, en de rechtbank bevestigde dit oordeel in april 2018.
In hoger beroep betoogde de vreemdeling dat de staatssecretaris inmiddels lagere leges had vastgesteld, wat impliceert dat het eerdere bedrag niet kostendekkend en dus niet evenredig was. De Afdeling bestuursrechtspraak oordeelde dat de staatssecretaris onvoldoende had gemotiveerd waarom het oude legesbedrag ruim boven de kostprijs lag en dat het grote verschil met het nieuwe bedrag een aanwijzing is dat het oude bedrag niet evenredig was.
Daarnaast verwierp de Afdeling het argument van de staatssecretaris dat het economische doel van de zoekjaarvergunning het hoge bedrag rechtvaardigde, omdat niet elke houder direct financieel voordeel behaalt. De Afdeling vernietigde daarom het besluit en de uitspraak van de rechtbank en veroordeelde de staatssecretaris tot vergoeding van de proceskosten.
Uitkomst: Het besluit over het legesbedrag voor de zoekjaarvergunning wordt vernietigd wegens strijd met het evenredigheidsbeginsel.