ECLI:NL:RVS:2020:180
Raad van State
- Hoger beroep
- C.H.M. van Altena
- G.M.H. Hoogvliet
- H.C.P. Venema
- Rechtspraak.nl
Herziening besluit korpschef over verwerking persoonsgegevens na onvolledig overzicht
Appellante verzocht de korpschef van politie om inzage in de persoonsgegevens die over haar worden verwerkt, inclusief doel, ontvangers en herkomst. De korpschef verstrekte een overzicht, maar dit werd door de rechtbank als onvolledig beoordeeld. In hoger beroep betoogde appellante dat het overzicht niet volledig was en dat ook documenten aan de Centrale Raad van Beroep ontbraken.
De Afdeling bestuursrechtspraak stelde vast dat de korpschef niet aan zijn wettelijke verplichting had voldaan omdat hij niet alle verwerkingen had opgenomen en onvoldoende inzicht had gegeven in de zoekmethoden. De rechtbank had ten onrechte de rechtsgevolgen van het vernietigde besluit in stand gelaten. De Afdeling oordeelde dat de korpschef opnieuw moet zoeken naar alle persoonsgegevens die hij verwerkt, rekening houdend met de AVG.
Verder werd het procesverloop en de vaststelling van de dwangsom besproken, waarbij werd bevestigd dat de dwangsom pas vanaf 2 mei 2017 verschuldigd was. De Afdeling bepaalde dat tegen het nieuwe besluit alleen beroep bij haar kan worden ingesteld en veroordeelde de korpschef tot vergoeding van proceskosten en griffierecht.
Uitkomst: De korpschef moet een nieuw, volledig overzicht van verwerkte persoonsgegevens verstrekken en een nieuw besluit nemen.