ECLI:NL:RVS:2020:1846
Raad van State
- Hoger beroep
- E. Steendijk
- C.J. Borman
- J.A.W. Scholten-Hinloopen
- Rechtspraak.nl
Vernietiging uitspraak rechtbank inzake afwijzing verblijfsvergunning asiel Eritrese vreemdeling
De staatssecretaris van Justitie en Veiligheid wees op 2 oktober 2019 de aanvraag van een Eritrese vreemdeling om een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd af. De vreemdeling ging in beroep bij de rechtbank Den Haag, die het beroep gegrond verklaarde en het besluit vernietigde, waarna de staatssecretaris hoger beroep instelde bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State.
De Afdeling oordeelde dat de rechtbank ten onrechte niet had onderkend dat de staatssecretaris terecht de verklaringen over de illegale uitreis ongeloofwaardig achtte, mede gelet op een arrest van het Europees Hof voor de Rechten van de Mens. De Afdeling vernietigde daarom het vonnis van de rechtbank.
Verder wees de Afdeling de overige beroepsgronden van de vreemdeling af, waaronder het risico op een met artikel 3 EVRM Pro strijdige behandeling bij terugkeer en de dwangsombetwisting. Uiteindelijk verklaarde de Afdeling het hoger beroep van de staatssecretaris gegrond, vernietigde het vonnis van de rechtbank en verklaarde het beroep van de vreemdeling ongegrond.
Uitkomst: Het hoger beroep van de staatssecretaris wordt gegrond verklaard, het vonnis van de rechtbank vernietigd en het beroep van de vreemdeling ongegrond verklaard.