ECLI:NL:RVS:2020:1928
Raad van State
- Tussenuitspraak bestuurlijke lus
- B.J. van Ettekoven
- F.C.M.A. Michiels
- G.T.J.M. Jurgens
- Rechtspraak.nl
Tussenuitspraak over nadeelcompensatie door peilopzet Maas in Bergen
De zaak betreft een verzoek om nadeelcompensatie van een eigenaar van twee percelen in Bergen (Limburg), die stelt dat de verhoging van de grondwaterstand door de peilopzet van de Maas haar weilanden onbruikbaar heeft gemaakt voor paardenfokkerij.
De minister wees het verzoek af omdat de peilopzet al was uitgevoerd voordat de appellant eigenaar werd en de schade voorzienbaar was. De appellant betoogde dat de schade niet voorzienbaar was en dat zij een vergoeding wenst voor herstelkosten om de percelen bruikbaar te maken.
De Raad van State stelt vast dat de minister het verzoek ten onrechte uitsluitend beoordeelde op basis van artikel 22 van Pro de Tracéwet, terwijl ook artikel 7.14 van de Waterwet van toepassing is. De feitelijke peilopzet is een rechtmatige taak in het kader van waterbeheer en de datum van eigendom is daarbij niet relevant.
De Afdeling draagt de minister op binnen dertien weken het besluit te herstellen en een nieuw besluit te nemen met een passende motivering, inclusief een deskundigenadvies. De uitspraak betreft een tussenuitspraak, waarbij de proceskosten in de einduitspraak worden behandeld.
Uitkomst: De minister wordt opgedragen het besluit te herstellen en opnieuw te motiveren binnen dertien weken.