ECLI:NL:RVS:2018:2621
Raad van State
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Vernietiging ministeriële besluiten schadevergoeding Tracébesluit Zuid-Willemsvaart wegens onvoldoende voorzienbaarheidsschade
De zaak betreft verzoeken van eigenaren van woningen te Rosmalen om schadevergoeding vanwege het Tracébesluit Omlegging Zuid-Willemsvaart Maas-Den Dungen, dat onder meer een verhoging van het spoorbed en plaatsing van geluidschermen omvat. De minister wees deze verzoeken af, stellende dat schade voor sommige eigenaren voorzienbaar was bij aankoop en dat anderen geen nadeliger positie hadden gekregen.
De rechtbank verklaarde deels de beroepen gegrond en vernietigde enkele besluiten, maar de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State oordeelt dat de rechtbank onbevoegd was en vernietigt diens uitspraak. De Afdeling behandelt het hoger beroep zelf en oordeelt dat voor een deel van de appellanten de minister onvoldoende heeft gemotiveerd dat de schade voorzienbaar was, waardoor hun beroepen gegrond zijn en de besluiten vernietigd worden.
Voor andere appellanten is de schade niet aannemelijk of is de planologische vergelijking juist toegepast, waardoor hun beroepen ongegrond zijn. Het beroep op het gelijkheidsbeginsel faalt, omdat de oude gedragslijn niet meer van toepassing is op aanvragen na 20 november 2012. De rechtsgevolgen van de vernietigde besluiten blijven in stand. De minister wordt veroordeeld tot vergoeding van proceskosten en terugbetaling van griffierechten.
Uitkomst: De ministeriële besluiten tot afwijzing van schadevergoeding worden deels vernietigd wegens onvoldoende voorzienbaarheid van schade, terwijl andere beroepen ongegrond worden verklaard.