ECLI:NL:RVS:2020:1994
Raad van State
- Hoger beroep
- J.A.W. Scholten-Hinloopen
- E. Steendijk
- H.J.M. Baldinger
- Rechtspraak.nl
Bevestiging niet-ontvankelijkheid informatieverzoeken wegens misbruik van recht
Appellant heeft 11 informatieverzoeken ingediend bij de minister van Algemene Zaken op grond van de Wet openbaarheid van bestuur en de Wet op de inlichtingen- en veiligheidsdiensten 2002, gericht op documenten van inlichtingen- en veiligheidsdiensten over diverse periodes. De minister heeft deze verzoeken niet in behandeling genomen wegens misbruik van recht. De rechtbank verklaarde het beroep van appellant ongegrond.
Appellant stelde in hoger beroep dat hij sinds eerdere uitspraken geen misbruik meer maakt en dat het oordeel in strijd is met artikel 10 EVRM Pro. De Afdeling oordeelt dat de verzoeken dezelfde strekking hebben als eerdere verzoeken die misbruik van recht vormden, gericht op het aanleggen van een schaduwarchief en het verzamelen van zoveel mogelijk gegevens over de diensten. De Afdeling acht het niet aannemelijk dat appellant een ander doel nastreeft.
De Afdeling bevestigt dat het niet in behandeling nemen van verzoeken wegens misbruik van recht proportioneel en gerechtvaardigd is, gelet op de onevenredige belasting voor bestuursorganen en het belang van ordentelijk bestuur. Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.
Uitkomst: De Afdeling bevestigt dat de informatieverzoeken van appellant niet in behandeling worden genomen wegens misbruik van recht.