ECLI:NL:RVS:2020:2210
Raad van State
- Hoger beroep
- C.H.M. van Altena
- J.J. van Eck
- C.M. Wissels
- Rechtspraak.nl
Vernietiging uitspraak rechtbank over afschot edelherten in Oostvaardersplassen
Gedeputeerde Staten van Flevoland (GS) hebben op grond van de Wet natuurbescherming (Wnb) Staatsbosbeheer opdracht gegeven om de populatie edelherten in de Oostvaardersplassen terug te brengen tot 490 dieren. De rechtbank had deze opdracht herroepen wegens onvoldoende ecologische onderbouwing en niet voldaan aan noodzaakscriteria.
De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State vernietigt de uitspraak van de rechtbank. De Raad oordeelt dat het rapport van de commissie Van Geel, hoewel beleidsmatig, voldoende ecologische onderbouwing biedt voor de doelstand en dat het Sweco II-rapport aantoont dat de begrazingsdruk leidt tot schade aan flora, fauna en natuurlijke habitats. De rechtbank heeft ten onrechte de noodzaakscriteria niet als voldaan beoordeeld.
De Raad stelt dat de alternatieven zoals vergroting van het natuurgebied of uitplaatsing van dieren niet bevredigend zijn. Ook is de opdracht niet in strijd met het Natura 2000-beheerplan, dat zich niet richt op het beheer van grote grazers. De beroepen van milieuorganisaties worden ongegrond verklaard. De Afdeling bepaalt dat het griffierecht aan Staatsbosbeheer wordt terugbetaald.
Uitkomst: De Raad van State vernietigt de uitspraak van de rechtbank en verklaart de beroepen van milieuorganisaties ongegrond.