Uitspraak
Datum uitspraak: 30 december 2020
Raad van State
Bij besluit van 19 december 2018 stelde de minister van Infrastructuur en Waterstaat het tracébesluit vast voor de opwaardering van de N35 tussen Nijverdal en Wierden tot een autoweg met 2x2 rijstroken en ongelijkvloerse aansluitingen. Appellanten, waaronder bewoners en wijkverenigingen, stelden beroep in tegen het besluit en vroegen deels schadevergoeding.
De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State behandelde de ontvankelijkheid van de beroepen, waarbij enkele beroepen niet-ontvankelijk werden verklaard wegens het niet tijdig indienen van zienswijzen. Vervolgens werd het besluit inhoudelijk getoetst op onder meer de doelstellingen, procedure, alternatieven, verkeersveiligheid, geluid, luchtkwaliteit en natuur.
De Afdeling oordeelde dat de minister terecht toepassing gaf aan de Crisis- en herstelwet en de Tracéwet, dat het besluitvormingsproces zorgvuldig was verlopen en dat de minister de belangenafweging met beleidsruimte heeft gemaakt. Het alternatief van een tunnel bij de Baron van Sternbachlaan werd betrokken maar afgewogen tegen de aanzienlijke meerkosten en geringe meerwaarde. De verkeersveiligheid en doorstroming zijn volgens de Afdeling verbeterd, en het akoestisch onderzoek naar geluidbelasting voldoet aan de wettelijke normen.
De verzoeken om schadevergoeding werden ook behandeld, maar de Afdeling vond geen aanleiding om het tracébesluit te vernietigen. Het besluit voldoet aan de wettelijke eisen en de belangen zijn in redelijkheid afgewogen.
Uitkomst: Het tracébesluit voor de opwaardering van de N35 tussen Nijverdal en Wierden wordt in stand gelaten; de beroepen en schadeverzoeken worden afgewezen.