ECLI:NL:RVS:2020:346
Raad van State
- Hoger beroep
- E. Steendijk
- J.A.W. Scholten-Hinloopen
- J.Th. Drop
- Rechtspraak.nl
Vernietiging uitspraak rechtbank inzake uitzettingsbesluit wegens medische noodsituatie
De staatssecretaris van Justitie en Veiligheid wees op 9 april 2018 het verzoek van een vreemdeling om uitzetting achterwege te laten wegens medische redenen af. De vreemdeling, met de Marokkaanse nationaliteit en zonder rechtmatig verblijf, stelde dat uitzetting tot een medische noodsituatie zou leiden.
De rechtbank Den Haag oordeelde op 7 augustus 2019 dat de staatssecretaris onvoldoende had onderzocht of de uitzetting een schending van artikel 3 EVRM Pro zou opleveren en vernietigde het besluit. De staatssecretaris ging in hoger beroep en stelde dat het Bureau Medische Advisering (BMA) had vastgesteld dat de vreemdeling in staat was te reizen, mits aan specifieke reisvereisten werd voldaan.
De Afdeling bestuursrechtspraak oordeelde dat de staatssecretaris de gevolgen van uitzetting op de gezondheid adequaat had onderzocht en dat de rechtbank een te strenge toets had toegepast. Het hoger beroep werd gegrond verklaard, het vonnis van de rechtbank vernietigd en het beroep van de vreemdeling ongegrond verklaard. De staatssecretaris hoeft geen proceskosten te vergoeden.
Uitkomst: Het beroep van de vreemdeling wordt ongegrond verklaard en het vonnis van de rechtbank vernietigd.