ECLI:NL:RVS:2020:449
Raad van State
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging besluit CSG over aanvullende uitkering schadefonds geweldsmisdrijven
Appellant heeft meerdere uitkeringen ontvangen uit het schadefonds geweldsmisdrijven vanwege immateriële en materiële schade door huiselijk geweld en seksueel misbruik. Na een aanvullende aanvraag in 2016 kende de CSG een extra uitkering toe op basis van het oude beleid, aangezien de primaire aanvraag vóór 15 oktober 2014 was ingediend.
De rechtbank verklaarde het bezwaar van appellant ongegrond en bevestigde dat de CSG het besluit mocht baseren op het medisch advies dat het letsel beoordeelde volgens zowel het oude als het nieuwe beleid. De letselcategorieën kwamen overeen en de rechtbank vond geen aanleiding om aan het medisch advies te twijfelen.
In hoger beroep stelde appellant dat het nieuwe beleid toegepast had moeten worden vanwege de ernst van haar letsel en de gevolgen daarvan. De Raad van State oordeelde echter dat het overgangsrecht in het beleid van de CSG gerechtvaardigd is en dat het oude beleid passend en niet onredelijk is in deze situatie.
De Raad van State concludeerde dat de CSG in redelijkheid het oude beleid mocht toepassen en wees het hoger beroep af. De aangevallen uitspraak van de rechtbank wordt bevestigd zonder toekenning van proceskosten.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.