ECLI:NL:RVS:2020:786
Raad van State
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- F.C.M.A. Michiels
- Rechtspraak.nl
Beroep tegen niet-ontvankelijkverklaring bezwaar bestuursdwangkosten wegens te laat ingediend
Het college van burgemeester en wethouders van Rotterdam heeft op 2 mei 2018 spoedeisende bestuursdwang toegepast door het verwijderen van twee huisvuilzakken die in strijd met de Afvalstoffenverordening waren aangeboden. De kosten van €125 per zak werden aan appellant opgelegd. Appellant diende op 8 oktober 2018 bezwaar in tegen het besluit van 10 mei 2018, maar dit werd door het college niet-ontvankelijk verklaard wegens overschrijding van de bezwaartermijn.
Appellant voerde aan dat hij pas op 3 augustus 2018 ontdekte dat hij tweemaal moest betalen en dat hij het bedrag direct had voldaan na ontvangst van het besluit van 18 mei 2018. De Raad van State oordeelde dat uit de verschillende controlerapporten, foto's en acceptgiro's bleek dat het om twee afzonderlijke huisvuilzakken ging en dat appellant had kunnen weten dat hij tweemaal kosten verschuldigd was.
Verder stelde de Raad dat appellant ook na 3 augustus 2018 binnen twee weken bezwaar had moeten maken, wat niet was gebeurd. Daarom was het te laat ingediende bezwaar niet verschoonbaar. Het beroep tegen de niet-ontvankelijkverklaring werd ongegrond verklaard.
Uitkomst: Het beroep tegen de niet-ontvankelijkverklaring van het bezwaarschrift wegens te late indiening wordt ongegrond verklaard.