Uitspraak
[eiser 1] , te [woonplaats] , en [eiser 2] B.V., te [vestigings] , eisers
Boomkwekerij [derde-partij] B.V., te [vestigingsplaats] , belanghebbende
Rechtbank Den Haag
Eisers hebben bezwaar gemaakt tegen een besluit van het college van burgemeester en wethouders van Alphen aan den Rijn waarin zij werden gelast de splitsing van een woonboerderij in vier wooneenheden ongedaan te maken. Het bezwaar werd niet-ontvankelijk verklaard wegens termijnoverschrijding. Vervolgens werd een verzoek tot verlenging van de begunstigingstermijn geweigerd.
De voorzieningenrechter oordeelt dat de termijnoverschrijding niet verschoonbaar is, mede omdat eisers onvoldoende aannemelijk hebben gemaakt dat zij gedurende de bezwaartermijn niet in staat waren een bezwaar in te dienen. Het beroep tegen het besluit tot niet-ontvankelijkheid wordt daarom ongegrond verklaard.
Verder is het college bevoegd om de begunstigingstermijn niet verder te verlengen, aangezien de termijn van bijna een jaar ruimschoots voldoende is geacht om de overtreding te beëindigen. Eisers hebben onvoldoende onderbouwd dat verlenging noodzakelijk is of dat er sprake is van bijzondere omstandigheden die handhaving onevenredig maken.
De rechtbank wijst het beroep tegen het besluit tot weigering van verlenging eveneens af en ziet geen aanleiding voor een voorlopige voorziening. Het griffierecht wordt niet teruggegeven en er worden geen proceskosten toegekend.
Uitkomst: Het beroep tegen het handhavingsbesluit en het besluit tot weigering verlenging begunstigingstermijn is ongegrond verklaard en het verzoek om voorlopige voorziening is afgewezen.