ECLI:NL:RVS:2021:1426
Raad van State
- Hoger beroep
- E. Steendijk
- A.W.M. Bijloos
- G.M.H. Hoogvliet
- Rechtspraak.nl
Vernietiging besluit afwijzing verblijfsvergunning asiel wegens schending hoorplicht
De vreemdeling, met de Sudanese nationaliteit, diende op 11 oktober 2018 een asielverzoek in. Na een eerste gehoor op 12 februari 2021 stelde hij dat tegen hem in Sudan een gerechtelijke procedure loopt, waardoor hij risico loopt op een behandeling in strijd met artikel 3 EVRM Pro. Ter onderbouwing overhandigde hij oproepen van de Sudanese rechtbank.
De staatssecretaris liet deze oproepen onderzoeken door Bureau Documenten, dat concludeerde dat de oproepen waarschijnlijk niet bevoegd waren opgemaakt. De staatssecretaris wees op deze conclusie en wees de aanvraag af bij besluit van 24 februari 2021. De rechtbank verklaarde het beroep van de vreemdeling ongegrond, waarbij zij oordeelde dat de vreemdeling voldoende gelegenheid had gehad zijn zienswijze te geven.
De Raad van State oordeelt echter dat de staatssecretaris in strijd met artikel 119 Vb Pro 2000 en paragraaf C1/2.12 Vc 2000 de vreemdeling niet in de gelegenheid heeft gesteld zijn zienswijze te geven op de onderzoeksresultaten van Bureau Documenten. Dit gebrek is niet hersteld en heeft de belangen van de vreemdeling geschaad. Daarom wordt het hoger beroep gegrond verklaard, het vonnis van de rechtbank vernietigd en het besluit van 24 februari 2021 vernietigd.
De staatssecretaris wordt tevens veroordeeld tot vergoeding van de proceskosten van €2.244,00, toe te rekenen aan door een derde beroepsmatig verleende rechtsbijstand.
Uitkomst: Het besluit tot afwijzing van de verblijfsvergunning asiel wordt vernietigd vanwege schending van de hoorplicht.