ECLI:NL:RVS:2021:1978
Raad van State
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Voorlopige voorziening tegen uitzetting vreemdeling in hoger beroep
De staatssecretaris van Justitie en Veiligheid wees op 9 juli 2021 de aanvraag van de vreemdeling om een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd af. De vreemdeling stelde hiertegen beroep in bij de rechtbank Den Haag, die dit op 11 augustus 2021 ongegrond verklaarde. Vervolgens stelde de vreemdeling hoger beroep in en verzocht de voorzieningenrechter om een voorlopige voorziening.
De voorzieningenrechter overwoog dat de vreemdeling niet mocht worden uitgezet zolang het hoger beroep loopt en dat hij recht heeft op opvang en verstrekkingen. De staatssecretaris werd tevens veroordeeld tot vergoeding van de proceskosten van de vreemdeling, bestaande uit kosten voor beroepsmatige rechtsbijstand.
De uitspraak werd gedaan door voorzieningenrechter C.C.W. Lange op 2 september 2021. Hiermee werd de vreemdeling tijdelijk beschermd tegen uitzetting totdat het hoger beroep is afgerond.
Uitkomst: De vreemdeling wordt voorlopig niet uitgezet totdat het hoger beroep is beslist en de staatssecretaris moet proceskosten vergoeden.