ECLI:NL:RVS:2021:2225
Raad van State
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging handhavingsbesluit tegen gebruik loods als bar in strijd met bestemmingsplan
Het college van burgemeester en wethouders van Heerlen legde aan appellante een last onder dwangsom op om voorzieningen te verwijderen die ruimte B van haar gehuurde loods als bar in gebruik namen, in strijd met het bestemmingsplan Bedrijventerrein Hoensbroek-Zuid. Na een controle op 4 december 2018 werden diverse horeca-achtige voorzieningen aangetroffen, waaronder een bar, sterke drank en spelautomaten.
Appellante voerde aan dat de ruimte niet als horecagelegenheid werd gebruikt en dat het college de bewijslast verkeerd had toegepast. De rechtbank oordeelde echter dat het college aannemelijk had gemaakt dat sprake was van strijdig gebruik en dat appellante dit onvoldoende had weersproken. Ook was de last voldoende duidelijk omschreven en was er geen sprake van concrete zicht op legalisatie.
De Raad van State bevestigt de uitspraak van de rechtbank en wijst de bezwaren van appellante af, waaronder haar betoog over het gelijkheidsbeginsel, de hoogte van de dwangsom en de vermeende onduidelijkheid over de herstelmaatregelen. Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de dwangsom blijft gehandhaafd.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en het handhavingsbesluit wordt bevestigd.