ECLI:NL:RVS:2021:2277
Raad van State
- Hoger beroep
- C.J. Borman
- B.P.M. van Ravels
- W. den Ouden
- Rechtspraak.nl
Bestuurlijke boete wegens overtreding Arbobesluit bij arbeidsongeval met boomslepen
Op 5 februari 2018 vond een arbeidsongeval plaats waarbij een werknemer ernstig letsel opliep tijdens het slepen van een boom uit het water met een touw en een bedrijfsauto. De staatssecretaris legde een bestuurlijke boete van €37.500 op aan de werkgever wegens overtreding van het Arbobesluit en de Arbowet. De rechtbank matigde de boete tot €15.000 vanwege vermeende onvoorzichtigheid van het slachtoffer en getroffen voorzorgsmaatregelen.
De werkgever stelde in incidenteel hoger beroep dat het ongeval niet te wijten was aan een overtreding van artikel 7.4, derde lid, Arbobesluit, maar aan onveilig gedrag van het slachtoffer en dat er adequate instructies en toezicht waren. De Raad van State oordeelde echter dat de werkgever onvoldoende risico-inventarisatie had gedaan, geen veilige werkwijze had ontwikkeld, geen adequate instructies had gegeven en onvoldoende toezicht had gehouden.
De Afdeling bestuursrechtspraak verwierp het beroep van de werkgever en stelde het hoger beroep van de staatssecretaris gegrond. De boete werd verhoogd naar €28.500 omdat de rechtbank ten onrechte matiging had toegepast op grond van onvoorzichtigheid van het slachtoffer en voorzorgsmaatregelen. De uitspraak van de rechtbank werd vernietigd voor zover de boete was vastgesteld op €15.000. De Raad van State bevestigde dat de werkgever aansprakelijk is voor het niet voorkomen van het ongeval door onvoldoende naleving van de Arbobesluitbepalingen.
Uitkomst: De bestuurlijke boete wordt vastgesteld op €28.500 wegens overtreding van artikel 7.4, derde lid, Arbobesluit.