ECLI:NL:RVS:2019:1759
Raad van State
- Hoger beroep
- J. Kramer
- H. Bolt
- E.J. Daalder
- Rechtspraak.nl
Vaststelling en matiging bestuurlijke boete wegens overtreding Arbobesluit na arbeidsongeval
Bij besluit van 20 januari 2017 legde de staatssecretaris van Sociale Zaken en Werkgelegenheid [appellante] een bestuurlijke boete op van €72.000 wegens overtreding van artikel 7.4, derde lid, van het Arbobesluit, naar aanleiding van een arbeidsongeval waarbij een werknemer zijn pols brak.
De rechtbank Oost-Brabant verklaarde het beroep van [appellante] gegrond, matigde de boete tot €27.000 en bepaalde dat deze uitspraak in de plaats treedt van het vernietigde besluit. [appellante] stelde vervolgens hoger beroep in bij de Raad van State.
De Raad van State oordeelde dat de overtreding van het Arbobesluit vaststaat omdat de afvalcontainer niet zodanig was geplaatst of gebruikt dat het gevaar op een ongewilde gebeurtenis zoveel mogelijk werd voorkomen. De rechtbank had ten onrechte de boete met een factor vier vermenigvuldigd en de recidiveverhoging toegepast. Verder werd geoordeeld dat de matiging van de boete op grond van de Beleidsregel en artikel 4:84 Awb Pro onvoldoende was, gezien de korte ziekenhuisopname en het relatief lichte letsel.
De Raad van State vernietigde het vonnis van de rechtbank voor zover het de hoogte van de boete betrof, stelde de boete vast op €20.250, veroordeelde de staatssecretaris tot proceskostenvergoeding en bepaalde dat deze uitspraak in de plaats treedt van het vernietigde besluit.
Uitkomst: De bestuurlijke boete wordt vastgesteld op €20.250,00 met een matiging vanwege de korte ziekenhuisopname en relatief licht letsel.