ECLI:NL:RVS:2021:2860
Raad van State
- Hoger beroep
- E. Helder
- A.J.C. de Moor-van Vugt
- J. Gundelach
- Rechtspraak.nl
Bevestiging weigering omgevingsvergunning voor verruiming openingstijden wijnbar in strijd met bestemmingsplan
Het college van burgemeester en wethouders van Den Haag weigerde op 27 juni 2016 een omgevingsvergunning voor het verruimen van de openingstijden van een wijnbar in de categorie middelzware horeca, omdat dit niet was toegestaan volgens het bestemmingsplan "Binnenhof e.o.". Na bezwaar en een gewijzigd besluit stelde het college dat de horeca-inrichting feitelijk aanwezig was op het moment van terinzagelegging van het ontwerpbestemmingsplan en dat daarom geen vergunning nodig was. De rechtbank vernietigde dit besluit en oordeelde dat de horeca-inrichting niet legaal aanwezig was, waardoor het overgangsrecht niet van toepassing was.
In hoger beroep betoogde appellante dat het overgangsrecht ook zou gelden voor feitelijke aanwezigheid, ongeacht legaliteit, en dat het college het bezwaar van partij onterecht ontvankelijk had verklaard. De Afdeling oordeelde dat het bezwaar van partij terecht als pro-forma bezwaar was aangemerkt en dat het college herstelmogelijkheden had moeten bieden. Tevens werd bevestigd dat het overgangsrecht alleen geldt voor planologisch legale horeca-inrichtingen, waardoor het beroep van appellante faalde.
De Afdeling verwierp ook het betoog dat het besluit van 6 januari 2017 vernietigd had moeten worden en verklaarde het voorwaardelijk incidenteel hoger beroep van partij vervallen. De uitspraak van de rechtbank werd bevestigd met verbetering van de gronden. Proceskosten werden niet toegewezen.
Uitkomst: Het hoger beroep van appellante wordt ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.