ECLI:NL:RVS:2021:323
Raad van State
- Hoger beroep
- H. Troostwijk
- S.F.M. Wortmann
- E.J. Daalder
- Rechtspraak.nl
Bevestiging bestuurlijke boete voor illegale toeristische verhuur woning in Amsterdam
Op 16 april 2018 constateerden toezichthouders dat appellant een woning in Amsterdam hotelmatig verhuurde aan toeristen via Airbnb, zonder dat de woning als hoofdverblijf werd gebruikt. De woning was volledig verhuurd aan toeristen en er waren geen persoonlijke spullen die duidden op duurzame bewoning. Het college legde daarom een bestuurlijke boete van €20.500,- op wegens overtreding van artikel 21 van Pro de Huisvestingswet 2014.
Appellant voerde aan dat zij de woning wel als hoofdverblijf gebruikte en dat de toezichthouders niet bevoegd waren tot binnentreden. Ook stelde zij dat de boete te hoog was en dat een boete voor het niet melden van vakantieverhuur meer passend was. De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond en de Raad van State bevestigt deze uitspraak.
De Afdeling oordeelt dat het college terecht heeft vastgesteld dat appellant de woning niet duurzaam als hoofdverblijf gebruikte, ondanks haar inschrijving in de basisregistratie personen en de huurovereenkomst. De verklaringen van appellant zelf en het feit dat de woning volledig aan toeristen werd verhuurd, ondersteunen dit oordeel. De hoogte van de boete is wettelijk vastgesteld en appellant heeft geen bijzondere omstandigheden aannemelijk gemaakt om de boete te matigen.
De Raad van State bevestigt daarmee het boetebesluit en wijst het hoger beroep af. Er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling.
Uitkomst: De Raad van State bevestigt de boete van €20.500,- wegens illegale toeristische verhuur zonder vergunning.