ECLI:NL:RVS:2021:505
Raad van State
- Hoger beroep
- B.P.M. van Ravels
- F.D. van Heijningen
- P.H.A. Knol
- Rechtspraak.nl
Weigering registratie Ghanese geboorteakte in basisregistratie personen
De appellant verzocht het college van burgemeester en wethouders van Tilburg om een in 2018 afgegeven Ghanese geboorteakte in de basisregistratie personen (brp) te registreren, teneinde de Nederlandse nationaliteit te verkrijgen. Het college weigerde dit, verwijzend naar een eerder besluit uit 2014 waarin een geboorteakte met hetzelfde registratienummer niet werd geregistreerd. Na inhoudelijke beoordeling en onderzoek door Bureau Documenten van de Immigratie- en Naturalisatiedienst, ontstonden twijfels over de authenticiteit en inhoudelijke juistheid van de nieuwe geboorteakte.
De appellant voerde aan dat hij de juiste procedure had gevolgd en overhandigde getuigenverklaringen en correspondentie met de Ghanese ambassade ter onderbouwing. Het college hechtte hieraan geen doorslaggevende waarde, mede omdat de verklaringen deels op horen zeggen waren gebaseerd en geen officiële bevestiging van Ghanese autoriteiten bevatten. De rechtbank bevestigde het besluit van het college en oordeelde dat het college terecht was uitgegaan van het deskundigenadvies van Bureau Documenten.
De Raad van State overwoog dat de gegevens in de brp betrouwbaar en duidelijk moeten zijn en dat het college zich zorgvuldig had vergewist van de kwaliteit van het deskundigenadvies. De appellant had geen eigen deskundigenadvies overgelegd. De Raad van State concludeerde dat het college voldoende had gemotiveerd waarom het twijfelde aan de inhoudelijke juistheid van de geboorteakte en bevestigde het bestreden vonnis. Het hoger beroep werd ongegrond verklaard.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en het besluit tot weigering registratie van de geboorteakte wordt bevestigd.