ECLI:NL:RVS:2022:1046
Raad van State
- Hoger beroep
- N. Verheij
- B. Meijer
- J.M. Willems
- Rechtspraak.nl
Vernietiging uitspraak rechtbank inzake terugkeerbesluit vreemdeling en inreisverbod
De staatssecretaris van Justitie en Veiligheid vaardigde op 18 januari 2021 een besluit uit waarin een vreemdeling werd opgedragen de Europese Unie onmiddellijk te verlaten en een inreisverbod werd opgelegd. De vreemdeling stelde beroep in bij de rechtbank Den Haag, die het besluit vernietigde omdat volgens haar niet duidelijk was naar welk land de vreemdeling moest terugkeren.
De staatssecretaris stelde hoger beroep in bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State. De Afdeling oordeelde dat het besluit wel duidelijk was omdat het de vreemdeling verplichtte terug te keren naar haar geboorteland Albanië, met de mogelijkheid om naar een ander land buiten de EU terug te keren waar toelating gewaarborgd is. De rechtbank had deze nuance niet juist beoordeeld.
Verder verwierp de Afdeling de bezwaren van de vreemdeling dat zij niet onrechtmatig in Nederland zou verblijven en dat het onmiddellijke vertrek en het inreisverbod onterecht waren opgelegd. De Afdeling verklaarde het hoger beroep gegrond, vernietigde het vonnis van de rechtbank en verklaarde het beroep van de vreemdeling ongegrond.
Uitkomst: Het hoger beroep van de staatssecretaris wordt gegrond verklaard, het vonnis van de rechtbank vernietigd en het beroep van de vreemdeling ongegrond verklaard.